Het gaat niet goed met het Groene Hart. Door de afschaffing van het Nationaal Landschap krijgen ambitieuze bouwplannen meer ruimte. Van een sturende rol van het rijk is nauwelijks sprake, tenzij het gaat over de aanleg en verbreding van snelwegen en het opvoeren van de maximumsnelheid. Naast het landschappen moet ook de natuur de gevolgen van onevenredige bezuinigingen dragen. De aanleg van ecologische verbindingszones, de aankoop van nieuwe natuur maar ook het onderhoud van natuurgebieden heeft ernstig te lijden. De icoonprojecten in het Groene Hart zijn voor een deel stilgelegd. Helaas lijken de provincies nauwelijks hun regierol op te pakken en is er ook steeds minder sprake van gezamenlijk optrekken, bijvoorbeeld tegen de chantagepolitiek van Bleker. Van het elan waarmee vier jaar geleden een Stuurgroep Groene Hart werd gepresenteerd is weinig meer over, behalve veel mooie woorden... Het ontbreekt de provincies niet aan retoriek, maar wel aan geld en personeel om effectieve regie te voeren. Dit geeft gemeenten de kans om via structuurvisies en rommelige gelegenheids-planologie nieuwe bedrijventerreinen, woongebieden en zgn. “landgoederen” buiten de rode contouren te realiseren. Hierdoor wordt de (toekomstige) duurzame leefomgeving van burgers fundamenteel bedreigd. Steeds meer burgers en locale en regionale burgercomités verzetten zich hiertegen, maar helaas wordt hun de rechtszekerheid aangetast door de Crisis- en Herstelwet, planologische foefjes en versnelde procedures.